Onderdelen van het onderzoek
Het onderzoek bij ONL naar dyslexie bestaat uit verschillende onderdelen. Er wordt gekeken naar de intelligentie om informatie te verkrijgen over de algemene cognitieve vaardigheden van uw kind. Met behulp van de intelligentie kan er een uitspraak worden gedaan over wat uw kind aan mogelijkheden in huis heeft en of de schoolse ontwikkeling (en dan vooral het lezen en spellen) daarbij past of juist opvallend afwijkt. Mogelijk is bij uw kind al eerder intelligentieonderzoek naar de leermogelijkheden uitgevoerd. In dat geval zal waarschijnlijk niet opnieuw een intelligentietest worden gedaan, de oude gegevens zullen dan worden gebruikt.
Naast de intelligentie wordt dyslexieonderzoek gedaan. Bij dit onderzoek worden enkele schoolse opdrachten gedaan zoals leesteksten, letteroefeningen en geheugentaakjes. Daarnaast worden opdrachten gedaan die specifiek op dyslectische kenmerken gericht zijn en bepaalde deelvaardigheden meten. Het complete onderzoek zal in de meeste gevallen uit twee dagdelen bestaan. De betreffende gekwalificeerde psycholoog / orthopedagoog van ONL zal u daarover inlichten.
U als ouder zal direct na de aanmelding worden gevraagd een ONL-vragenlijst in te vullen. Ook de school dient een dergelijke vragenlijst in te vullen. Hierin wordt gevraagd naar de lees-/spellingsgeschiedenis en dient als onderdeel van de anamnese.
Diagnose dyslexie en indicatie behandeling bij ONL
Vanuit het complete onderzoek stelt de diagnosticus een verslag op en wordt al dan niet een dyslexieverklaring afgegeven. In dit verslag wordt de indicatie (=zorgbehoefte) voor behandeling omschreven. Afhankelijk van de gebleken ernst en enkelvoudigheid van de dyslexie, zal in het verslag worden aangegeven in hoeverre behandeling nodig is en verantwoord kan worden.
Naast de behandelindicatie (volgens Protocol Diagnose en Behandeling, Blomert 2006), zal een ONL-verslag ook een uitgebreide diagnosestelling bevatten volgens de richtlijnen van de Stichting Dyslexie Nederland (volgens brochure SDN, geheel herziene versie 2008). De dyslexie wordt geclassificeerd (onderkennende diagnose) waarmee de ernst en enkelvoudigheid wordt benoemd. In de diagnose wordt dan beschreven uit welke onderzoeksresultaten de dyslexie al dan niet blijkt (verklarende diagnose) en wordt aangegeven welke begeleiding het kind nodig heeft (indicerende diagnose).
Behandeling
Wanneer uit het dyslexieonderzoek de indicatie (=zorgbehoefte) tot behandeling is afgegeven, kan de hulp worden doorgezet. De behandeling bestaat uit wekelijkse (individuele) sessies waarbij uw kind ook huiswerk mee krijgt. Het is de bedoeling dat u thuis met uw kind oefent. Uw kind krijgt een eigen ONL-map waarin het huiswerk wordt bewaard. Tijdens de behandeling zijn verschillende evaluatie- en toetsmomenten ingepland om de voortgang goed bij te houden. De ontwikkeling en voortgang van uw kind wordt besproken binnen het multidisciplinaire team van uw ONL-onderwijsadviesbureau. Dit team zal bestaan uit minimaal een of meerdere (GZ- en/of NIP Kinder- en Jeugd-)psychologen en (NVO-generalist-)orthopedagogen en een of meerdere (geregistreerde) Remedial Teachers, (geregistreerde) logopedisten, leesspecialisten en onderwijskundigen.
Nadere bijzonderheden behandeling:
- Het kind krijgt individuele begeleiding, 45 minuten per week.
- Ouders/ school doen oefeningen thuis/op school ter ondersteuning.
- Het dyslexieprogramma wordt op verschillende locaties aangeboden.
- Duur: 40 tot 60 behandelingen, maximaal 11/2 jaar (60 behandelingen).
- Op verschillende vaste momenten tijdens de behandeling wordt de voortgang van het kind geëvalueerd. Aan de hand hiervan wordt het behandelplan al dan niet aangepast.
Uitgangspunten bij de behandeling van dyslexie:
- Het vergroten van de lees- en spellingsvaardigheid van de leerling met een vaste methode. Hierbij ligt grote nadruk op het herkennen van de (klank) structuur van woorden en het bevorderen van het vloeiend lezen.
- Aandacht voor specifieke problemen van een leerling.
- Vergroten van de leesmotivatie en het kind leren omgaan met zijn/haar leesproblemen.
- Wij hechten zeer aan een goede samenwerking met ouders en scholen. Het is belangrijk dat ouders thuis tijd vrijmaken om hun kind te helpen met het extra huiswerk. De basisschool zal het werk aanpassen aan het door het onderwijsadviesbureau gevolgde behandelplan. Leraren, interne begeleiders en ouders/opvoeders hebben een nadrukkelijke plaats in het traject.